Er is op dit moment een groot tekort aan meester-taxateurs. En dat merken we in het veld. Er zijn behoorlijk wat taxateurs in opleiding die graag hun meester-gezeltraject willen doorlopen, maar simpelweg moeite hebben om een goede meester te vinden.
Ik ben zelf meester-taxateur en daarnaast de maker van Leren Taxeren. Recent heb ik weer een nieuwe gezel aangenomen en daarbij viel me opnieuw iets op. Veel gezellen stellen zichzelf de vraag: “Hoe vind ik een meester die mij wil begeleiden?” Maar volgens mij moet je die vraag omdraaien: “Waarom zou een meester-taxateur míj als gezel willen hebben?”
Want een meester-gezeltraject kost een meester behoorlijk wat tijd. Je werk moet worden gecontroleerd, je moet feedback krijgen, fouten moeten worden besproken en uiteindelijk moet de meester zijn of haar naam onder het taxatierapport zetten. Dus als je op zoek bent naar een meester, bedenk dan niet alleen wat die meester jou te bieden heeft. Bedenk vooral wat jij komt brengen. Hieronder mijn vijf tips.
1. Stuur geen dertien-in-een-dozijn sollicitatie
Wil je een meester benaderen? Zorg dan dat je communicatie vanaf het eerste moment klopt. Geen algemene mail die begint met: “Geachte heer/mevrouw, hierbij wil ik mijn interesse kenbaar maken…” Zoek uit wie de meester-taxateur binnen het kantoor is, verdiep je in het bedrijf, spreek die persoon persoonlijk aan en leg uit waarom je juist dáár je meester-gezeltraject wilt volgen.
Laat zien dat je accuraat en gemotiveerd bent. En vooral dat je niet twintig taxatiekantoren exact dezelfde mail hebt gestuurd en vervolgens afwacht wie er toevallig hapt. Als jij straks taxatierapporten gaat uitwerken, verwacht een meester namelijk ook dat je zorgvuldig werkt en je verdiept in een dossier. Laat dat dan ook al zien in de manier waarop je solliciteert. Je eerste mail is eigenlijk al je eerste test.
2. Gebruik je netwerk – en bedenk wat jij te bieden hebt
Kijk eens goed om je heen. Stel: jouw oom is hypotheekadviseur en stuurt ieder jaar een enorme hoeveelheid taxatieopdrachten naar één bepaald taxatiebedrijf. Toevallig werkt daar een meester-taxateur. Dan kun jij natuurlijk een koude sollicitatie sturen, maar het is waarschijnlijk een stuk effectiever als jouw oom even belt: “Joh, mijn neef zoekt een goede meester voor zijn traject. Zou jij eens met hem willen praten?”
Zeker wanneer iemand al jarenlang opdrachten aan zo’n kantoor geeft, wordt zo’n introductie waarschijnlijk nét even anders ontvangen. Dat hoeft natuurlijk niet letterlijk je oom te zijn. Misschien ken je een makelaar, hypotheekadviseur, financieel adviseur of iemand anders die veel samenwerkt met taxateurs. Gebruik je netwerk en denk daarbij niet alleen: “Wat kan deze meester voor mij betekenen?” Denk vooral: “Wat kan ik voor deze meester betekenen?”
3. Als je ervoor gaat, ga er dan ook écht voor
Dit is misschien niet de boodschap die iedereen wil horen, maar ik wil als meester geen gezel die het taxeren er een beetje bij doet. Ik doe zelf honderden taxaties per jaar. Mijn klanten verwachten snelheid, kwaliteit en goede rapporten. Als ik een gezel meeneem in dat proces, dan moet diegene daar dus bovenop zitten. Komt er vandaag een opdracht binnen die jij van A tot Z kunt voorbereiden en uitwerken? Dan wil ik dat je hem oppakt.
Ook als je vanavond eigenlijk zou sporten. Ook als Netflix lonkt. En ja, soms betekent het zelfs dat dat etentje met je vriendin een keer verplaatst moet worden. Niet iedere avond natuurlijk; je hoeft je relatie niet op te blazen om Register-Taxateur te worden. Maar het punt is: dit vak leer je niet door alleen mee te kijken wanneer het toevallig goed uitkomt. ’s Avonds werken hoort er soms bij. Een keer tot laat achter je laptop zitten hoort erbij. Dingen opofferen hoort er soms bij. Als je echt goed wilt worden, moet je meters maken. Heel veel meters.
4. Zorg dat je meester blij wordt als jouw naam bij een opdracht staat
Dit is voor mij misschien wel de belangrijkste. Een goede gezel moet uiteindelijk geen extra werk opleveren, maar juist werk uit handen gaan nemen. Het ideale scenario is dat er een taxatieopdracht binnenkomt en jij hem volledig voorbereidt. Je verzamelt en analyseert de stukken, verwerkt de relevante gegevens, doet het benodigde onderzoek en werkt het rapport zo compleet mogelijk uit. De meester controleert jouw werk vervolgens kritisch, geeft feedback waar dat nodig is, corrigeert je en kan uiteindelijk – als alles klopt – zijn handtekening zetten.
Natuurlijk lukt dat niet op dag één. Daarom ben je juist gezel. Maar dát moet wel het doel zijn. En onderschat die feedback niet. Je wilt juist een meester die opmerkingen maakt bij je rapporten, want daarvan leer je. Die feedback en jouw ontwikkeling zijn bovendien een belangrijk onderdeel van het meester-gezeltraject. Zie jezelf daarom niet als iemand die alleen komt halen. Word die extreem gemotiveerde extra kracht waarvan een meester denkt: deze persoon wil ik opleiden.
5. Zorg dat je niet vanaf nul hoeft te beginnen
En dan nog eentje die ik heel belangrijk vind. Verwacht niet dat jouw meester je vanaf scratch ieder vinkje, ieder veld en iedere stap in een taxatierapport moet gaan uitleggen. Een meester is er om je het vak te leren, je werk te controleren, je feedback te geven en je uiteindelijk te helpen uitgroeien tot een goede zelfstandige taxateur. Maar een hoop basiskennis kun je gewoon alvast zelf opdoen.
Dat kan thuis, op je zolderkamer. Inderdaad: door een avondje níét uit eten te gaan met je vriendin. Je kunt jezelf vooraf al behoorlijk goed voorbereiden op hoe je een taxatierapport van A tot en met Z uitwerkt. Welke informatie heb je nodig? Welke stukken moet je controleren? Hoe bouw je een dossier op? Hoe werk je een taxatie uit en waar moet je allemaal op letten? Dat is precies een van de redenen waarom ik Leren Taxeren heb gemaakt.
In de cursus leer je stap voor stap hoe je een taxatie en taxatierapport van A tot en met Z aanpakt. Niet als vervanging van je meester-gezeltraject, want uiteindelijk leer je het vak vooral door het daadwerkelijk te doen en goede feedback te krijgen. Maar wel om ervoor te zorgen dat je veel beter voorbereid aan dat traject begint. En dat geeft je ook een betere binnenkomer bij een potentiële meester.
Je kunt dan namelijk zeggen: “Ik begin niet helemaal vanaf nul. Ik heb mezelf al voorbereid, ik heb geoefend, ik heb de cursus Leren Taxeren gevolgd en mijn certificaat behaald. Nu wil ik vooral meters gaan maken en van een goede meester leren.” Als ik zo’n bericht krijg, zegt mij dat iets. Het laat zien dat iemand initiatief neemt, bereid is zelf tijd en energie in zijn ontwikkeling te steken en niet verwacht dat zijn meester vanaf dag één ieder vinkje in een taxatierapport moet uitleggen. Dat maakt je als gezel simpelweg interessanter.
Tot slot: draai de rollen eens om
Er is een tekort aan meester-taxateurs en dat maakt het voor gezellen absoluut lastiger om een plek te vinden. Maar alleen roepen dat er te weinig meesters zijn, brengt je niet verder. Draai het om. Wees persoonlijk, gebruik je netwerk, maak meters, werk hard, neem werk uit handen, bereid jezelf voor en vraag om feedback. Zorg ervoor dat een meester niet alleen tijd in jou móét investeren, maar dat hij of zij dat ook daadwerkelijk wíl.
Want de beste manier om een meester te vinden? Zorg dat jij de gezel bent die een meester graag wil hebben.
